_SWI4302_edited.jpg
Hoe pech en geluk heel dicht bij elkaar liggen

Op 22 april 2017 nam ik met collega’s deel aan de hindernissenloop Strong Viking Run in Wachtebeke. Een loop van 15 km door de modder, waarbij je als groep allerlei hindernissen tegenkomt. Het ging goed, heel goed eigenlijk. Ik herinner me nog dat ik halverwege het parcours een obstakel overwonnen had en zelfs als eerste liep, toen ik plots draaierig werd. Eerst dacht ik dat ik een suikerdip had en even moest recupereren. Nog geen 20 seconden later was ik buiten bewustzijn en dat zou ik de volgende 16 uur blijven. 

 

Ik heb pech gehad. Een scheur in de binnenzijde van een slagaderwand in mijn nek veroorzaakte klonters richting mijn hersenen, waardoor ik een hersenletsel opliep. Hoe dit kon gebeuren? Misschien de combinatie van een verhoogde bloeddruk door de loop en de vele deelnemers die op mijn schouders hebben gestaan om over de hindernissen te geraken? Dat zal ik nooit zeker weten. En om eerlijk te zijn: het doet er ook niet toe.

 

Nadien heb ik vooral heel veel geluk gehad. Er was veel medische hulp aanwezig op het terrein. Ook de spoedarts was er snel. In de ambulance werd de juiste beslissing genomen om bloedverdunner toe te dienen, zodat de klonters grotendeels opgelost waren eens ik op de operatietafel lag.

Lange revalidatie

Altijd controleren of er een muur, een stoel of een lavabo in de buurt was om je aan vast te houden, als de wereld begon te draaien.

De volgende ochtend lieten ze me ontwaken op intensieve zorgen. Wat volgde, was een ware rollercoaster. Na twee dagen ging ik van UZ Gent naar UZ Leuven, waar ik enkele dagen op de ‘stroke’-afdeling (voor patiënten met een beroerte) verbleef. Van daaruit werd ik snel doorverwezen naar het revalidatiecentrum van UZ Pellenberg, een multidisciplinaire omgeving met revalidatieartsen, ergotherapeuten, kinesitherapeuten, sporttherapeuten, logopedisten, psychologen en een groot team verpleegkundigen. Hier werd ik in de beste omstandigheden opgevangen om zo goed mogelijk te herstellen. Elf weken lang, van mei tot juli in 2017, zou Pellenberg een tweede thuis worden.

Ik was geraakt in de kleine hersenen, die onder meer verantwoordelijk zijn voor evenwichtscontrole en spraak. De eerste weken had ik zware evenwichtsproblemen en moest ik me verplaatsen in een rolstoel. ’s Morgens wakker worden en me naar het toilet begeven, was een heel avontuur. Heel onzeker je voeten neerzetten, wankelend je rug rechten en proberen stap voor stap een eind verder te komen. Altijd controleren of er een muur, een stoel of een lavabo in de buurt was om je aan vast te houden, als de wereld begon te draaien. Ook praten was in het begin moeilijk, ik had geen kracht in mijn stem en juist articuleren ging niet. 

Vanaf de tweede week kreeg ik een programma dat telkens werd aangepast naarmate ik me beter begon te voelen. De dagen waren na een tijd goed gevuld en dat hielp om structuur te krijgen in mijn leven. Maar het besef dat je drukke leven met werk, drie jonge kinderen in een nieuw samengesteld gezin, school, huishouden en een beetje vrije tijd door een omwenteling plots omver kan geslagen worden, doet iets met een mens. Het doet je stilstaan bij waar je mee bezig bent, wat je wil en hoe je ermee wil omspringen. Ik heb een tweede kans gekregen en moet daar iets mee doen. 

Luisteren naar patiënten

Ik denk dat de jongens ook gerustgesteld waren van zodra ze me naar huis zagen komen en me ‘normaal’ zagen functioneren.

Na een paar weken mocht ik in de weekends naar huis gaan. Een soort internaatritme. Het was fijn om er even uit te zijn en terug in je gewone context te bewegen. En van zodra ik thuis weer wat kon meedraaien en met de kinderen spelen, voelde het steeds meer natuurlijk aan. Ik denk dat de jongens ook gerustgesteld waren van zodra ze me naar huis zagen komen en ‘normaal’ functioneren.

Een team van kinesitherapeuten en sporttherapeuten hielp me elke week om me eerst op de been te krijgen en nadien mijn evenwicht dag na dag te laten terugvinden door gerichte oefeningen. Logopedisten hielpen me om mijn spraak terug te vinden en mijn klanken en ademhaling beter te controleren. Een psychologe stond me geregeld bij. Ergotherapeuten lieten me oefeningen doen om dat specifieke deel van mijn hersenen te stimuleren dat geraakt was. En een groot team van verpleegkundigen hielp me elke dag met medicatie, mijn kamer in orde zetten, maaltijden, vragen, praktische zaken en een luisterend oor. 

Je gehoord voelen

Ik had er een vast ritme en ik vond er rust, stilte en leegte, diepgang en goede gesprekken.

Na een drietal weken begon ik snel en goed te verbeteren. Ik werd sterker, de therapeuten hielpen me om weer te stappen, te fietsen en goed voor mezelf te zorgen. Ik had er een vast ritme en ik vond er rust, stilte en leegte, diepgang en goede gesprekken.

Velen kwamen ook hun levensverhaal vertellen of de zorgen delen waarmee ze sukkelden. En ja, ik voelde me daarbij eigenlijk in mijn sas. Luisteren, vragen stellen, echt geboeid zijn door hoe mensen zijn en struikelen, coachen waar mogelijk … Waar het misschien al jaren onderhuids aanwezig was, is het er in Pellenberg stilaan uit gekomen. Mijn aandacht voor mensen, mijn interesse in mensen. Zonder te oordelen of te veroordelen, zonder mijn mening te geven, maar vooral gericht te luisteren en vragen te stellen. Mensen voelden er zich gehoord. En dat is soms een zeldzaam iets in onze maatschappij.

Verandering dag na dag

Maar één ding is zeker: mijn ongeval is niet voor niks gebeurd. Het zou van ondankbaarheid getuigen als ik er niks mee doe.

Pellenberg heeft me geleerd hoe échte verandering elke dag begint door de persoon naast jou, die het moeilijk heeft, te helpen. En ik heb vele maanden vele mensen gezien die regelrecht de put ingingen. Ik heb er geleerd dat ik mijn tweede kans – mijn herstel – ten dienste wil stellen van diegenen die het nodig hebben, van diegenen die door ziekte of andere levenstrauma’s op de sukkel zijn. Als ik daar op een of andere manier elke dag iets kan toe bijdragen, heeft mijn herstel nut gehad. Dit zocht ik eigenlijk al vele jaren. Waartoe het me zal leiden, is me niet duidelijk. Maar één ding is zeker: mijn ongeval is niet voor niks gebeurd. Het lot heeft me dit geboden. Het zou van ondankbaarheid getuigen als ik dat naast me neerleg en er niks mee doe.

Wat kan ik voor jou betekenen?

Ik kan een gids zijn, die absorbeert, hoort, luistert, en af en toe terugkaatst. Ik creëer de ruimte om stil te zijn als dat nodig is. De rust om te durven nadenken en echt te zijn. Om blokkeringen en afweer los te laten. Om stap na stap meer jezelf te worden. 

Neem contact op voor een gesprek of een gegidste wandeling

_SWI4402.jpg

Als ervaringsdeskundige NAH-patiënt kan ik mijn verhaal ook in jouw instelling, bedrijf of school brengen. Zo getuigde ik al verschillende keren in UZ Pellenberg voor patiënten en hun familie, en in een Leuvense basisschool voor vijfde- en zesdejaars, waar mijn verhaal kaderde in lessen over het menselijk lichaam.